Voorbewerking
en kleurlak maken
Na de herstelwerkzaamheden aan het plaatwerk gaat de auto naar de voorbewerking.
Hier worden de uitgedeukte en/of de vernieuwde delen geschuurd en wordt de grondlak
gespoten.
Kleine oneffenheden en krasjes worden geplamuurd en strak gemaakt.
Daarna wordt de primer gespoten en na droging wordt deze met
heel fijn schuurpapier geschuurd. Daarna wordt de wagen in
de spuitcabine geplaatst en worden de delen die niet gespoten
worden afgeplakt.
De te spuiten delen worden verder geheel stof- en vetvrij gemaakt.
In de tussentijd heeft de spuiter de kleur reeds aangemaakt
in de kleurmakerij.
Dit gebeurt in de kleurmakerij met een mengmachine, een computer
en een elektronische weegschaal. De computer levert aan de
hand van het fabrieksrecept de gegevens voor de kleurmaker
en via internet krijgen wij de meest recente kleurgegevens.
Er wordt een proefplaatje gespoten ter controle en als de kleur
goed is, is de lak klaar voor afspuiten.
In de spoelruimte tussen de twee spuitcabines wordt de lak
gemengd met harder en/of verdunner zodat hij klaar is om te
verspuiten.
Intussen is de spuitcabine in werking gezet en de temperatuur
is ingesteld op 22 graden Celsius. Hierna begint de spuiter
de lak op de wagen te spuiten.
Als het een gewone uniekleur lak is dan wordt deze lak in
twee of drie lagen opgebracht
met een tussentijd van ongeveer tien minuten.
Is de lak een metallic of tweelagenlak dan wordt eerst de
basislak (kleurlak) opgebracht.
Na een tussendroging van een kwartier wordt dan de blanke
deklak gespoten.
Hierna moet de lak nog worden gedroogd en uitgehard.
De spuitcabine wordt na het spuiten omgeschakeld naar moffeloven
en de temperatuur wordt binnen een kwartier op 75 graden
Celcius gebracht. Na een uur is door uitharding de lak hard
geworden en na afkoeling en controle wordt de wagen uit de
spuitcabine gereden naar de montage afdeling.
|